Zone van de setter
De zones lopen van 1 bij de opslag naar 6 midden achter. Zet de setter in de zone die je coacht. De andere vijf houden diagonaal, buitenaanvaller en midden.
Voor of achter
Staat de setter achter, dan blijven drie aanvallers voor. Staat de setter voor, dan staat één aanvaller achter en komt de pipe vrij. Schrijf welke van de zes rotaties dit is.
Ontvangst
Toon alleen de ontvangst van deze rotatie. Drie ontvangers zijn genoeg. De notitie zegt wie verstopt is en wie uit het midden slaat.